Marco Borsato zit weer in de kijker. Weer eens met die blik van “ik heb veel meegemaakt”, weer eens omringd door mensen die hem troosten alsof hij een overlevende is van iets wat niemand echt heeft gezien. En weer eens is Angela de Jong de enige die roept wat de rest durft niet te zeggen: “Afzichtelijke man!”
Niet beledigend. Niet ongepast. Nee, als beschrijving van morele positie is het zelfs geniaal. Want terwijl de media zich verdringen om hem weer op te lappen – Sergio Herman met zijn zielige vragen, de rest met hun zachte knuffels – blijft zij staan. Geen vergeving. Geen “mensen groeien”. Geen “laten we hem een tweede kans geven”. Nee, gewoon: nee.
Het interview met Herman? Een zelfverzorgingsspecial voor mannen die denken dat verdriet een paspoort is naar vergeving. Borsato zit daar, weer eens, met zijn hand op zijn hart, alsof emotie automatisch rechtvaardiging is. Maar Angela – die ziet het door. Zij weet dat verdriet niet heiligt. Dat schade blijft, ook al huil je erom.
En daarom is zij op dit moment de enige die nog luistert naar de vrouwen die destijds wegdropen uit zijn wereld. Die niet wegkijkt. Die zegt: “Nee, dit is niet oké.”
De rest van de media knuffelt, zij zet een punt. En in een tijd waarin iedereen bang is voor de verkeerde kant op te staan, is dat juist het dapperst wat je kunt doen.
Liefs, Carla
Carla’s Column | Nieuwtje? Lemme know 😘
