Guido van Nispen spreekt over ‘het stille verval van nieuws’. Alsof het een tragisch ongeval is. Alsof het vertrouwen langzaam wegtrekt, als zand onder een vloed. Maar wie het jaarverslag van het Commissariaat voor de Media openslaat, ziet geen verval — hij ziet een patroon. En een patroon is geen ongeluk. Het is een keuze.
Vertrouwen verdwijnt niet omdat burgers dommer worden. Vertrouwen verdwijnt omdat de media niet meer leveren wat ze beloven. Ze beloven objectiviteit — maar leveren opinie met een redactielijn. Ze beloven urgentie — maar vullen met herhaling. Ze beloven context — maar geven een samenvatting van een samenvatting.
En in een tijd waarin een maker op YouTube in 90 seconden een beter beeld schetst dan een uitzending van twintig minuten, is het geen verrassing dat het vertrouwen verdwijnt. Het wordt verdiend.
Maar hier zit de hypocrisie: men roept om ‘meer geloofwaardigheid’, terwijl men zelf de kaders strak houdt, de stemmen beperkt, en de ruimte voor afwijking vernauwt. Wie geen ruimte laat voor twijfel, verdient wantrouwen.
Het nieuws is geen instituut meer. Het is een product. En wie een product niet vernieuwt — terwijl de concurrentie al in seizoen zes zit — verdient de afkeer.
De toekomst van nieuws ligt niet in handen van degene die het meeste budget heeft. Die ligt in handen van degene die het meeste durft te zeggen — zonder een regisseur, zonder een veiligheidsnet, zonder een beleidscommissie.
Must-watch moment? Wanneer een burger een nieuwsfragment niet vanaf de NOS haalt — maar van een maker die ‘geen journalist is, maar wel snapt waar het om gaat’. Dan is het stille verval geen stilte meer. Dan is het een schreeuw.
Geniaal gecast moment? De stilte na een nieuwsuitzending. Geen vragen. Geen reacties. Geen shares. Alleen een kijker die wegscrollt. Dan weet je: het nieuws is er nog. De betekenis niet.
Met zakelijke groet,
Maurits Droogleever Fortuyn
Hoofdredacteur Redia.nl | Media Business
