Lale Gül draaft door. Dat zegt niet de eerste de beste roddelaar, maar Johan Derksen. En dat is pas echt een signaal.
Want laten we eerlijk zijn: Derksen en Lale zitten samen aan een boek. Je zou denken: belangenverstrengeling, ogen dicht, glimlach op. Maar nee. De VI-snor, die je normaal gesproken met een vinger op zijn lippen ziet zitten, laat nu keihard weten dat zijn boekmaatje even de mist in gaat. ‘Foutje’, zegt hij. Alsof hij een klasgenootje terechtwijst op het schoolplein.
Ondertussen staat Tina Nijkamp daar, de vrouw die Lale Gül in een interview te hard aangepakt zou hebben, en krijgt vanuit het niets steun van de meest onwaarschijnlijke hoek. Alsof je ruzie hebt met de buurmeisjes en opeens de directeur van de school jou gelijk geeft.
Maar hier gaat het niet om wie gelijk heeft. Het gaat om de toon. Lale Gül, met haar opvlammende reacties en media-aanvallen, begint langzaam maar zeker het gezicht te worden van een nieuw soort mediadrama: het zelfversterkende vuur. Iedere uitspraak een brandstofstof. Iedere tegenspraak een aanval op haar identiteit.
En dan komt Derksen, met zijn norse charme en jarenlange ervaring in het vernietigen van anderen met een lach, en zegt: rustig aan. Alsof hij de enige is die ziet dat het theater is geworden. Dat het niet meer gaat om inhoud, maar om volume.
Geniaal gecast, dit gedoe. Als dit een Videoland-serie was, noemden we het ‘De Boksworst’. Want iedereen vecht, niemand weet meer waarom, en de winnaar is degene die het langst stil kan blijven staan.
Liefs, Carla
Carla’s Column | Nieuwtje? Lemme know 😘
