‘Dat is toch onzin!’ roept Leonie ter Braak uit, terwijl ze met haar handen in de lucht zwaait, alsof de logica van de wereld haar net in de steek heeft gelaten. Zij — presentatrice, moeder, gezicht van het gezonde leven — vindt dat álle fietsers in Nederland een helm moeten dragen. Van de kinderen op de step tot de vader met de bakfiets. Van de student op de snorfiets tot de vrouw die net de groenten haalt.
Maar — en hier komt het — ze draagt zelf geen helm.
Niet als ze fietst. Niet als ze interviewt. Niet als ze de camera in kijkt en zegt: ‘We moeten ons kind veiligheid geven.’ Dan is de helm nergens te bekennen. Net als haar geloofwaardigheid.
Het thema kwam op tafel tijdens een gesprek met minister Vincent Karremans, die wéér moest uitleggen waarom hij niets doet aan de overlast van fatbikes. Ter Braak, altijd alert op de volgende emotionele twist, pakt het thema op: ‘Als we nu al zo bang zijn voor jongeren op snelle fietsen, waarom beschermen we dan niet iedereen beter?’ Slimme zet. Maar ook typisch: een oplossing voorstellen die ze zelf niet volgt.
Want daar gaat het om. Niet of een helmplicht logisch is. Maar of de mensen die het roepen, zelf ook durven te doen. En nee, Leonie, een helm vies maken of ‘m vergeten bij oma, telt niet. Je bent geen tiener die bang is voor haar image. Je bent een volwassen vrouw met een platform.
En dan nog dit: we leven in een tijd waarin iedereen adviseur is geworden. Iedereen heeft een mening over veiligheid, over opvoeding, over hoe het leven hóórt. Maar wie leeft er nog volgens die regels? Wie zet de helm op als het waait? Wie zegt ‘nee’ tegen het gemak?
Je mag campagne voeren voor verplichte helmen. Maar doe het dan met de helm op je hoofd — letterlijk.
Liefs, Carla
Carla’s Column | Nieuwtje? Lemme know 😘
