Gisterenavond zat ik met mijn thee voor de tv, afstandsbediening binnen handbereik, klaar voor de grote start van Hélène Hendriks als nieuwe ster van de Staatsloterijshow. Ik dacht: mooi, fris bloed, iemand die niet al tien keer in dezelfde stoel heeft gezeten. Maar helaas. Het voelde als een nieuwe jas die niet past – mooi bedoeld, maar verkeerd model.
Hélène is geen slechte presentatrice, integendeel. Ze glimlacht goed, kijkt vriendelijk, zegt alles netjes. Maar de vonk? Die miste. Geen vonk, geen vuur, geen ‘wauw’. En dat terwijl SBS alles heeft opgetrommeld: licht, muziek, grote prijzen. Toch keken er amper 800.000 mensen mee. Voor zo’n show? Dat is als een feestje waar te weinig mensen komen, maar je hebt wel drie taarten gebakken.
Linda de Mol had iets. Een soort energie, alsof ze alles een beetje uit de losse pols doet, maar toch alles onder controle heeft. Hélène is netjes. Te netjes misschien. Alsof ze bang is om een fout te maken. Maar tv moet juist leven van die kleine momenten waarin het even scheef loopt.
De Staatsloterijshow is geen slechte show. Maar het is ook geen must-see. En dat had het kunnen zijn. Nu is het gewoon weer een programma op zondagavond. Tussen de soep en de afwas.
Liefs, Carla
Carla’s Column | Nieuwtje? Lemme know 😘
