Een plus van 1,2 procent op jaarbasis. Klinkt indrukwekkend, zeker na een groeipercentage van 0,1 procent in de voorgaande drie maanden. Alsof er een economisch wonder heeft plaatsgevonden op de Zuidas. Maar wie de cijfers leest met de blik van een financieel directeur – en niet met de hoop van een staatssecretaris – ziet direct wat er écht speelt: overheidsconsumptie en voorraadveranderingen als redder in nood.
Dit is geen marktgedreven expansie. Dit is een economie die op de been wordt gehouden met administratieve stokken. De overheid koopt in, magazijnen worden aangevuld, cijfers zien er beter uit – maar waar is de particuliere sector? Nergens te bekennen. Geen sprake van investeringen, geen sprong in consumentenvertrouwen, geen innovatie-impuls. Alleen een korte ademhaling van het systeem, gefinancierd door belastinggeld en tijdelijke logistieke correcties.
En dan die 0,1 procent groei ten opzichte van het vorige kwartaal. Een zweetvochtig niets. Bijna statistisch ruis. In een wereld waar Netflix nog steeds 25 miljoen euro investeert in Nederlandse producties en RTL blijft schalen met data-gedreven advertentiestrategieën, blijft de overheidssector de enige motor. Dat is geen groei. Dat is overleving.
De enige echte indicator – particuliere investeringslust – blijft onderaan de grafiek. Ondernemers wachten. Ze zien de cijfers, maar niet de kans. En terecht. Wie bouwt een bedrijf op in een economie die leunt op het herstel van voorraden en een paar extra overheidscontracten?
De komende kwartalen zullen uitwijzen of dit een opstart is of een opgeblazen tijdelijke opknapbeurt. Maar als de groei niet wordt gevoed door schaalvergroting, innovatie en rendabele private deals, dan is het alleen maar papierwerk met een glimlach.
En op de Zuidas lachen we niet om cijfers. We kijken naar waar het geld écht vandaan komt.
Met zakelijke groet,
Maurits Droogleever Fortuyn
Hoofdredacteur Redia.nl | Media Business
