Luigi doet zijn best. Dat moet ik hem nageven. Hij lacht, hij praat, hij probeert iets te beginnen in die kamer met de goudkleurige kussens en de douche in zicht. Maar Kirsten kijkt alsof ze per ongeluk in een sprookje is beland en alleen de slechte scènes heeft gekregen.
Ik zit voor de tv, thee in de hand, afstandsbediening binnen handbereik. De zoveelste keer dat ik kijk hoe twee mensen proberen te doen alsof ze verliefd zijn, terwijl de spanning zo dik is dat je er een snee in kunt snijden. Of juist niet. Bij Kirsten en Luigi is het laatste. Geen vonk. Geen geknipper. Geen ‘o, wat heb jij mooie ogen’. Nee, gewoon: stilte. En die stilte zegt alles.
De camera’s volgen, de muziek zwelt aan, maar het voelt alsof iemand een scène uit een film probeert te forceren die er gewoon niet is. Marokkaanse sfeer, zachte lichtjes, luxe omgeving – alle trucs uit het boekje. Maar soms helpt geen enkele setting als de chemie op nul staat.
En dan is er Linda. Ook zij worstelt. Niet met de locatie, niet met de camera’s, maar met het beeld dat ze heeft van haar man. Het lichaam, de houding, het geheel. Ze zegt het niet hardop, maar je ziet het in haar ogen: dit past niet in haar idee van ‘mijn man’.
Ik snap het. Echt. Je trouwt iemand die je niet kent, ja. Maar je kunt niet ontkennen dat uiterlijk toch meespeelt. En als dat niet aansluit, dan blijft er weinig over. Behalve geduld. En hoop. En misschien, heel diep vanbinnen, de wens dat er toch nog iets klikt.
Maar bij Kirsten? Geen kliks. Geen vonken. Geen ‘o, daar is-ie dan, de liefde’. Alleen een zachte blik van medelijden, alsof ze denkt: arme jongen, ik had je gewaarschuwd.
Liefs, Carla
Carla’s Column | Nieuwtje? Vertel vertel! 😘
