Een designexpert met een bril als van Daft Punk denkt dat we gewoon niet snappen waarom Spotify die draaiende discolamp in onze feeds heeft geïnstalleerd. Alsof esthetiek een excuus is voor emotionele afbraak.
De ‘discobal’ – een analfabetische visualisatie van muziek die je al jaren kent – is geen designkwestie, Dorresteijn. Het is een psychologische belasting. Consumenten voelen zich bespied, vernederd, gedwongen tot een vorm van authenticiteit die niemand heeft gevraagd. En toch blijven ze streamen. Waarom? Omdat de prijs van opzeggen hoger is dan de ergernis. Dat noemen we slavernij met een gratis proefperiode.
Spotify verdient aan iedere herhaling, iedere share, iedere geforceerde ‘Top 5 van jouw vrienden’. Die discobal? Een performance-artefact van de data-economie. Geen fout in het systeem – het is het systeem. De irritatie is niet het probleem. De irritatie is de input.
De echte vraag is waarom een platform dat 500 miljoen gebruikers heeft, nog steeds denkt dat mensen geïmponeerd raken door lichtshowjes. Is dit innovatie? Of gewoon een wanhopige poging om een product dat allang een utility is – zoals water of stroom – te verpakken als avontuur?
Prime Video zou dit in tien minuten in een satire-series draaien. Maar goed, daar weten ze tenminste dat entertainment niet begint met een draaiende bal. Het begint met een doel.
Als Spotify wil dat we blijven, moeten ze ophouden met doen alsof we feestvieren. Want wij betalen. Zij profiteren. En de enige die echt draait, is de winstmarge.
Met zakelijke groet,
Maurits Droogleever Fortuyn
Hoofdredacteur Redia.nl | Media Business
